Tammo 80

Home / Weblog / Java / Reizen / Taalverhaspelingen

30 September 2004

Spaghettitwist

Ik had het net met Marloes, die bij Patricia op bezoek was, over de oorsprong van het woord ‘spaghetti’. Ik gokte dat het wel van een woord ‘spago’ zou afkomen, dat dan zoiets als ‘sliert’ zou moeten betekenen. Maar Marloes verzekerde me zeer zelfverzekerd dat dat toch echt niet zo was. Nou, mooi wel dus. Nu gaat eigenwijze Marloes – die een tijdje in Italië gewoond heeft – bij haar Italiaanse vrienden navragen of ‘spago’ nog wel een gangbaar woord is.

Hans

Ik las net op Slashdot, een razendpopulaire nieuwssite voor nerds, dat mijn middelbareschoolgenoot Hans bij een auto-ongeluk is omgekomen. Ik vind dit een ontzettende rotstreek van het lot, hij had nog een hoop te leven. Ik heb na de middelbare school nooit meer iets van Hans vernomen, maar ben blij dat hij zich goed bij de internationale geeks-club heeft weten aan te sluiten (hij was onderweg met een stel grote jongens op computergebied). Hij had vast zelf een grote kunnen worden. Mijn medeleven voor z’n familie en vriendin.

Tineke

Afgelopen maandag kwam ik op de operatiekamer in Tilburg een bekend gezicht tegen: Tineke, van de middelbare school in Emmen. Ze zag er wat anders uit, in een blauw pak met mondkapje en blauwe muts, maar toch herkende ik haar. Ze kreeg net haar handenwasinstructie (die we ook al eens samen bij het vak Verzorging hebben gehad), dus ik heb niet lang met haar gesproken. Wie weet kom ik d’r nog eens tegen, als ik op de OK ben.

Margaret op bezoek

Gisteren ben ik Margaret, een oud-collega en nu vriendin, even weer tegengekomen. Zij is met haar (kersverse) echtgenoot en kindje in januari naar Amerika geëmigreerd, en is nu voor heel even in Nederland. Ze was toevallig even op de universiteit Utrecht, en door zorgvuldige planning was ik daar toevallig ook. We hebben even een (uit de koffiekamer geleend) kopje thee gedronken in de Eigenruimte, en hebben daar geprobeerd een dik half jaar ervaringen samen te vatten in een half uurtje (dat lukte natuurlijk niet, waardoor ik te laat was voor het zwemmen met Alex en Jan-Jaap). Het leuke is dat Margaret hoogstwaarschijnlijk ook per 1 januari AIO wordt, maar dan in Amerika. Ikzelf heb vandaag iets getekend waarop staat dat ik AIO word, dus dat wordt steeds definitiever. Als ik in Amerika ben ga ik waarschijnlijk nog even bij Margaret (die dan weer terug is) en haar man logeren: 3 PhD’s bij elkaar.

25 September 2004

Wifi

Nadeel: ik heb net m’n trein gemist. (Ik stond nog te wachten op het voorste deel van de trein, maar dat ging niet – volgens de meneer aan de balie wel.) Wie zit te wachten op deze informatie? Niemand. Het voordeel is dat ik dit nu zit te typen op Utrecht centraal!

Onsterfelijk

Door een heel klein beetje te helpen met een programmeerprobleempje ben ik zowaar onsterfelijk geworden: mijn naam is opgenomen in de sourcecode van het pakket PressView. Zie ook een onderwerp op het forum.

24 September 2004

Operatie

Ik ben woensdag bij m’n begeleider in het ziekenhuis geweest. Niet om geopereerd te worden, laat staan om zelf te opereren, maar om samen met hem aan ons model te werken. Hij liep intussen af en toe even weg om een patiënt ‘uit te leiden’, of juist in slaap te brengen, of wat hij al niet meer doet. Omdat hij vond dat ik ook wat klinische ervaring moest hebben, ben ik aanwezig geweest bij het behandelen van een paar mensen die last hadden van atriumfibrilleren. De oplossing hiervoor is om – onder volledige narcose uiteraard – met de defibrillator een gigantische schok toe te dienen (die werkt als een soort ‘harde reset’ voor het hart). De totale ingreep duurt zo’n 15 minuten, en dan is de patiënt alweer wakker.

Toen ik ongeveer naar huis wilde (om te gaan zwemmen met Alex) belde m’n begeleider dat ik me onmiddellijk moest omkleden en naar OK 4 moest komen. Binnen 3 minuten zat ik in een overall, en stond ik in de operatiekamer. Een onfortuinlijke meneer werd daar geopereerd aan z’n darmen, en z’n hart was ermee gestopt. Daarom waren ze bezig met reanimeren, waar ik naar moest kijken. Ik kon op de monitor ongeveer volgen wat z’n hart deed, terwijl er allemaal mensen stonden te foefelen. Het hart van de meneer is weer op gang gebracht (zij het zwak), en hij heeft het in ieder geval tot gisteren gered. Probleem is natuurlijk dat reanimatiepatiënten sowieso in een slechte toestand zijn.

20 September 2004

Alweer gewonnen

Ik werd net op weg van Yo-yi en Imre (waar ik lekker nep-Chinees heb gegeten en een Muppetfilm heb gekeken) op de Lange Viestraat ingehaald door een jongen op een hele blitse citybike. Hij scheurde me bij het stoplicht, over de stoeprand, voorbij, terwijl ik voor rood stond te wachten. Het was duidelijk dat hij – op z’n stoere citybike – een sprintje aan het trekken was. Toen het stoplicht op groen sprong ben ik hem achternagesjeesd, en net voor het station heb ik hem ingehaald, hem nog even zeggend dat hij een hele mooie fiets had. Daarna splitsten onze wegen gelukkig.

19 September 2004

Maarten

Overgenomen – met permissie – uit een mailtje van mama:

Hier volgt het onsmakelijke verhaal over Maarten, de ganzerik.

Maarten is ziek. Peter ontdekte dat een oog dichtzat, ontstoken. Gisteren

waren Menno en Carolien hier, je weet wel, de dierenartsen, en die wilden wel

even kijken. Bleek dat Maarten waarschijnlijk is gepakt door een roofdier;

niet alleen zijn oog was beschadigd maar er zat ook een wond bij zijn

snavel. Carolien heeft met watten de wonden schoongemaakt, echt vies werk

(nooit dierenarts worden) en toen zijn snavel weer schoon was kon Maarten

ook weer gemakkelijker eten. Wij kregen de opdracht om dagelijks minimaal 1

keer zijn oog en snavel schoon te maken met een watje en schoon lauw water

(er kwam echt pus uit). Zijn verendek was ook behoorlijk vies maar we gingen

ervan uit dat dat kwam omdat hij zijn oog eraan poetste. Vanmorgen bij het

schoonmaken zag ik wel erg veel vliegen op zijn veren, bleek dat er ook een

wond bij zijn vleugelaanzet zit waar inmiddels de maden inzaten!! Met veel

lauw water en jodium de wond schoongemaakt, heeft Peter gedaan maar er

gingen meteen weer vieze vliegen opzitten. Toen ben ik naar Tale en Trijntje

gegaan, veeboeren net buiten het dorp en van hen heb ik een spuitbus

om wonden te desinfecteren meegekregen. Weer thuis Maarten bespoten, blauw

spul, maar ook toen kwamen er meteen weer vliegen op af. Weer terug naar

Tale en een spuitbus met vliegenwerend spul gehaald, bedoeld voor koeien

maar dat zal voor een vlieg niet uitmaken denk ik. Nu blijven de vliegen

gelukkig weg!

Wat een goor verhaal he, en ik vind het ook zo zielig voor

Maarten, ik denk dat de steenmarter het op zijn geweten heeft. We zien het

nu een paar dagen aan, met dagelijks schoonmaken hoor, maar als het niet

verbetert moeten we iets anders bedenken, ik wil niet dat ie lang pijn

heeft! het gaat nu gelukkig wat beter, hij eet goed en is zich aan het

poetsen, dat geeft moed!

Ouderwets spelen

Guido Skype-te vanochtend of hij even kon komen pingpongen. Dat kan natuurlijk altijd. Een kwartier later was hij er. M’n kamer was (en is) nog een beetje te rommelig om mensen te ontvangen, m’n plan was om daar vandaag wat aan te doen. Dat ga ik straks dus doen. Enfin, ik heb Guido buiten even laten wachten tot ik de batjes had.

Het pingpongen ging aardig, we hebben tijdens de warming-up bijgekletst, waarna ik twee keer overtuigend van Guido heb verloren. Toen was het alweer tijd voor pauze (in de provisorisch opgeruimde kamer). Daarna hebben we – eindelijk – m’n nieuwe pogo uitgeprobeerd. Guido had ook nog nooit gepogood, dus we moesten het allebei helemaal leren. Na een half uur oefenen op het plein kunnen we het nu allebei hooguit “beter”. Ik heb het voor elkaar gekregen om zo’n 30 meter te pogoën. Snel gaat het echter nog niet, Guido kon dezelfde afstand sneller pogoën zonder pogo (gewoon hupsen). Het is wel een heel vermoeiende sport, en ook erg belastend voor de knieën: daar komt steeds een schroefje tegenaan.

Tijdens het uithijgen op m’n kamer zag Guido m’n typemachine staan. Die hebben we meteen even geprobeerd. Guido kan ook een behoorlijk repertoire reciteren, dus aan stof tot typen was geen gebrek. Ik bedacht dat ik ook nog carbonpapier heb liggen, dat we natuurlijk ook even hebben gebruikt. Ik heb nu een prachtige doordruk van “Sint Dracus en de joor” boven m’n bed hangen.

Oudere berichten »