Donderdag was het personeelsuitje van het Instituut. Voordat je verder leest: wat zouden we gedaan hebben? Goed geraden, een rondvaart over de Utrechtse grachten. Dit was wel standaard, maar ook heerlijk ontspannend. Tenminste, dat was hij geweest als er geen hardhorende gids was ingehuurd die over architectuur vertelde. Nu heb ik doorgaans niets tegen archtectuur, en ook niet tegen hardhorende gidsen, maar tijdens een personeelsuitje praat ik liever met mijn buurman. Dat deed de hele boot, dus de aanwezigheid van de (ster versterkte) gids was enigszins vervelend – en buitengewoon genant. De goede man sloot af met: “Dames en heren, het spijt me dat ik uw conversaties zo heb verstoord, maar u hebt me er nu eenmaal voor betaald.” Au!
Ik voel me nu net als aan het eind van een vakantie: ik moet nog een week achterstallig reisverslag bijwerken. Wel van allemaal leuke dagen, maar toch een enorm karwei. Nu is dit een weblog, en geen reisverslag; het leuke is dan ook dat ik hierna niet naar huis hoef (daar ben ik namelijk al).
Omdat ik zojuist goed geslapen heb, is mijn opmerkzaamheid vanochtend bijzonder hoog. Zo heb ik zojuist opgemerkt dat er een behoorlijk luid snurkgeluid uit de wc komt. Niet uit de wc zelf (denk ik), maar uit het vertrek, dat ook op slot zit. In al mijn goedheid (ahum) laat ik de goede jongen – wie het ook mag zijn – maar even zitten, maar ik moet wel plassen…
Ik ben woensdag met mama even naar Ter Apel geweest, in verband met de sterfdag van Opa Tammo. Het was een beetje troosteloos weer, maar dat heeft ons niet van een bezoek aan het kerkhof weerhouden, het was juist een uitstekende test voor de regenbestande kaarsjes! Op het kerkhof heb ik de grote rondleiding gehad, langs de graven van (uiteraard) Opa Tammo en Oma Wini, de ouders van Oma Wini (Siebold Roel Heslinga en Gezien Scholten), de oma (Janna Ananias) en opa (Tamme Bonkes) van Opa Tammo, Roelf Frederik en Roelf Frederik (broertjes van opa Tammo), oom Sienus (een vriend van opa en oma, en het graf van het ‘broertje’ van mama. Verder kwamen we ook nog Ger tegen, maar die was “slechts op bezoek”, gelukkig.
Na afloop van dit bezoek hebben we boodschappen gedaan bij de Aldi in Ter Apel. Het pand waar de Aldi gevestigd is, was vroeger de winkel van Opa Tammo, en de parkeerplaats was de boomgaard waar mama veel gespeeld heeft. Helaas is er een hoop veranderd, maar de Ter Apelaars zijn gelukkig nog steeds aardig. En mama ook hoor.
Ik ben even langs in Drenthe, evenals m’n broer Pieter. Mama maakte net de opmerking: “Wat zijn jullie toch een leuke broers,” waarop Pieter en ik tegelijkertijd opmerkten: “Nou ja, ik wel,” hetgeen mama’s opmerking aardig illustreerde mijns inziens.
Gisteren moest ik alweer vroeg op (en dat na zondag, toen ik dus pas om een uur plat lag), om op tijd op school te komen. Ik heb me de benen bijna uit het lijf gefietst, en was slechts vijf minuten te laat. Mijn docente tien.
Na zes uur practicum – met onderbrekingen – heb ik bij een collega-studente even Linux ge√Ønstalleerd, zodat ook zij perfect thuis kan studeren. Het installeren lukte zowaar binnen anderhalf uur, zodat ik nog op tijd thuis was voor het eten: twee overheerlijke pizza’s.
Zondag heb ik samen met Jan-Jaap en Alex een dagje The Godfather gekeken. We waren van plan om alledrie de delen te kijken, maar ze duurden nogal lang, dus dat lukte niet. Uiteindelijk zijn we erin geslaagd om van half vier tot middernacht slechts twee delen te bekijken. Ik kon Alex en Jan-Jaap ondertussen goed voorzien van zinloze feiten – gelezen op The Internet Movie Database, zoals dat het paardenhoofd in deel 1 echt was en uit een hondenvoerfabriek kwam, en dat bij de vechtpartij in deel 2 een acteur daadwerkelijk twee ribben gebroken had.
Mijn complimenten overigens alsnog aan Jan-Jaap voor de heerlijke wraps.
Gisteravond ben ik naar ‘t afstudeerfeest van Hanne geweest. Ze had het feest heel effectief verstopt in het scoutinggebouw van Lunetten, maar ik ben er zowaar in een keer goed naar toe gefietst. Op het feest was Rik deejay aan het spelen, en ik moet zeggen dat onze muzieksmaken behoorlijk disjunct zijn. Maar dat mag de pret niet drukken. Het feest stond in het teken van dierendag, en daarom waren er overal wortels opgehangen. Wie het woord daarom in de vorige zin snapt, mag het me uitleggen.
Aan het eind van de avond, toen van de Eigenruimte-club alleen Alex en ik nog over waren (toen Victor en Sandra net naar huis gingen) werd er eindelijk veel betere muziek gedraaid. Ik heb zowaar nog wat jongelui kunnen laten zien hoe de twist (Chuck Berry – Let’s twist again) hoort :-)
Gisteren heb ik eindelijk een dag helemaal niks gedaan. En dat schiet lekker op :-D
Vrijdag heb ik bij Jan-Jaap (en een beetje bij Raymond, want die woont daar ook) gegeten, en op de galerij zag ik een heel klein vogelkijn. Het zat daar heel stil, en ik dacht dat het wel gewond zou zijn ofzo. Hoe dan ook, het moest gered worden, want anders zou er zeker over hem heen gelopen zijn. Gelukkig is een andere huisgenoot van Jan-Jaap dierenarts-in-opleiding. Die kwam in z’n ochtendjas (om zes uur ‘s avonds) poolshoogte nemen. Hij concludeerde na het vogelkijn op z’n hand genomen te hebben dat het inderdaad niet vloog. Met die diagnose was voor hem de kous af, en ik kreeg het vogelkijn op m’n hand. Toen het daar was, heeft het even een poepje op m’n ringvinger gedaan, en ging er toen vrolijk vandoor. Vliegend uiteraard. Aansteller.